Zondagskinderen klagen over uitsluiting

Zondagskinderen klagen over uitsluiting

Het volstaat dat Dyab Abu Jahjah een wind laat of de media laten ons meegenieten. Ter herinnering: Abu Jahjah is de politieke avonturier die hier kwam aanzetten met het verhaal als zou hij Libanon ontvlucht zijn omdat zijn leven er bedreigd werd door Hezbollah. Omdat zijn asielaanvraag niet lukte (zo min als in Frankrijk), huwde hij dan maar (zo gaf hij later in een interview toe) om alweer te scheiden toen zijn papieren in orde waren. Hij is een intelligente kerel, zoon van academici. Hij behaalde een master in politieke wetenschappen aan de Franstalige UCL en leerde ondertussen voortreffelijk Nederlands.

Van het ene avontuur in het andere

Hij werd binnengehaald door het ABVV. Via dat kanaal verkondigde hij dat de Arabieren in België structureel werden gediscrimineerd. Wat uitmondde in de Arabisch-Europese Liga, een vereniging die lustig de polarisering oppookte (dat resulteerde in controleteams om de politie op geweld te betrappen; er was in totaal één patrouille van drie gesluierde meisjes, die door camera’s werd gevolgd, een trieste operette). De toenmalige premier Guy Verhofstadt reageerde hysterisch. De op dat moment wanhopige PVDA, al veertig jaar tevergeefs op jacht naar een parlementair zitje, drukte hem tegen de borst en stond hem toe via Resist haar partijkas en netwerk te gebruiken voor zijn politieke doeleinden.

Resist strandde op een negenduizend stemmen, waar Abu Jahjah zich vandaag op beroemt (zelf behaalde hij 4.700 naamstemmen). Hij vertelt er niet bij dat de PVDA reeds bij haar eerste verkiezingsdeelname in 1974 als AMADA in Antwerpen alléén al meer dan veertienduizend stemmen behaalde. De AEL was voor de PVDA dus niet bepaald een toegevoegde waarde. Integendeel, hij joeg zelfs een boel trouwe partijmilitanten, die al decennialang hardnekkig de internationale solidariteit verdedigden en hun zuurverdiende centen daartoe aan de partijkas afdroegen, de deur uit. Na zijn vertrek maakte de PVDA dan ook een diepe interne crisis door, die erop uitliep dat men er zich eindelijk ging afvragen waar men eigenlijk mee bezig was. Met een herbronning en het huidige relatief succes als gevolg.

Abu Jahjah had dus succes gehad in omgekeerde zin dan hij beoogd had. Toen die intrede in de politiek op andermans kosten jammerlijk mislukt was, liet hij zijn aanhangers in de steek en keerde terug naar Libanon waar hij zogezegd met de dood was bedreigd. Hij begon daar weer te ageren. Volgens sommigen in precies dat Hezbollah waar hij voor op de vlucht was gegaan. Toen ook daar weer zijn invloed marginaal bleek, dook hij met een smoesje weer op in België waar hij enkele verdwaalde zielen vond die met hem toch nog in zee wilden gaan in de strijd tegen onderhuids racisme, via Movement X. De media verwelkomden hem als een verloren zoon, hij kreeg een open doekje in onder andere De Standaard, op Canvas, de VPRO, NRC, De Bezige Bij, en ik vergeet er nog een paar. Hij onderscheidde zich vooral als iemand die in een tegensprekelijk debat zijn discussiegenoot nooit liet uitspreken. Erger nog dan Verhofstadt indertijd in De Zevende Dag. Moderatoren grepen amper in, hij zorgde blijkbaar voor de show waar zij op uit waren. Of misschien konden zij hem gewoon niet aan en lieten zij zich intimideren door zijn verbaal geweld?

Zelden kreeg een marginale figuur zoveel aandacht in de media, maar vandaag komt hij krokodillentranen wenen omdat hij overal uitgesloten wordt. In werkelijkheid werd hij door De Standaard aan de deur gezet omdat hij in de inschatting van hoofdredacteur Karel Verhoeven blind geweld verdedigde. Tot daar aan toe. Wat hier telt is dat er zelden iemand uit de marge is geweest die zoveel kansen in de samenleving heeft gekregen.

Tussen twee paarden gevallen

Maar Abu Jahjah wil natuurlijk opnieuw in het centrum van de belangstelling staan. Het medium dat hij zoekt voor zijn jeremiades is het parlement. Laat daar nu net ook een ander zondagskind dat zichzelf in de marge heeft geplaatst naar op zoek zijn, Ahmet Koç. Koç is de zoon van een Turkse Dyanet-imam. Hij werd in dit land geboren, en behaalde aan de VUB een master Internationaal Recht. Ook geen dommerik, dus. Ook hij werd als wonderkind binnengehaald door de socialistische zuil, toen die nog een poging deed om een islampartij te zijn. Hij werd in de kortste keren adviseur van vicepremier Johan Vande Lanotte en persoonlijk secretaris van minister van werk Peter Van Velthoven. De SP.A speelde hem uit in de Limburgse politiek, hij werd schepen van Beringen en ondervoorzitter van de provincieraad.

Hij moest evenwel op de kieslijsten steeds Meryame Kitir laten voorgaan, die als mooie vrouw uiteraard een bijkomende troef had. Bovendien kende zij als gewezen Ford-vakbondsvrouw het ‘echte’ leven.  Of het dit was wat hem naar de AKP van Erdogan dreef, weten we natuurlijk niet, feit is dat hij ondanks herhaalde waarschuwingen een kritiekloos vereerder werd van een politiek in Turkije die door zijn partij in België afgekeurd werd. Hij ging dus op twee paarden rijden.

Dat moest slecht aflopen. Dat hij verontwaardigd was over de staatsgreep van juli 2016 kon hem moeilijk kwalijk worden genomen. Dat hij daarna, in een verhitte sfeer, op Facebook opriep om ook hier in België ‘in opstand te komen tegen de landverraders’ was een brug te ver. Zeker toen amper enige uren later er rellen uitbraken in zijn thuisstad, die sindsdien gevolgd werden door een ware heksenjacht op aanhangers van de Gülenbeweging die zogezegd achter de staatsgreep zouden zitten. We weten tot wat dat geleid heeft: mensen durven hun kinderen niet meer naar een Lucernaschool sturen (die nochtans voortreffelijk onderwijs aanbieden); sommigen moesten onderduiken; en aan de Turkse ambassade werden tegenstanders van Erdogan, die hun stem wilden uitbrengen, met ijzeren staven bewerkt.

Ondertussen bleef onze pers herhalen dat 77 procent van ‘onze’ Turken voor Erdogan had gestemd. Maar er was slechts 53 procent gaan stemmen, en dit ondanks een intense campagne waarbij bovendien busvervoer werd georganiseerd. Er had dus slechts veertig procent pro-Erdogan gestemd. De intimidatie was grandioos geweest, maar onze pers legde daar bijzonder weinig de nadruk op, en er waren bij mijn weten ook geen ‘onderzoeksjournalisten’ die in dat stinkende potje echt aan het snuffelen gingen.

Natuurlijk kan men al die hysterie niet terugvoeren op Koç, of Koç alleen. Wel was het zo dat hij, net als Erdogan zelf, zonder het minste onderzoek ‘wist’ dat er hier ‘landverraders’ te vinden waren tegen wie men diende ‘in opstand te komen’. Van de betrokkenheid van de geviseerde Gülenbeweging is er tot nu toe overigens niet het minste bewijs geleverd, laat staan dat Vlaamse Turken betrokken konden zijn bij een staatsgreep in Turkije.

Alleszins heeft Koç zich niet gedragen als een verantwoordelijke politicus die eerder olie op de golven giet, dan olie op het vuur. Hij werd dus terecht uit de SP.A gezet, hij had dat zelf onvermijdelijk gemaakt. Meteen begon hij te janken over uitsluiting en discriminatie. Op dat programma vonden hij en Abu Jahjah elkaar, de twee zielenpoten. In een interview in het Belang van Limburg (12 mei) werden ze in het nauw gedreven en gaven ze toe dat ze het eigenlijk niet eens met elkaar eens zijn. Toch zouden ze samen een programma uitwerken dat Vlamingen en allochtonen zou verenigen. Faut le faire.

Toch zo graag gediscrimineerd worden

Op dat gegeven ging Bart Schols in, in De Afspraak (15 mei). Over de kern van de zaak stelde hij geen enkele vraag: hoe kan het dat mensen die overal de rode loper voor zich uitgerold kregen, maar er zelf een knoeiboel van maakten, zich nu zonder gêne positioneren als de woordvoerders van de ‘verworpenen der aarde’? Vanwaar toch die obsessie om zich gediscrimineerd te voelen, ook als er in de verste verte geen discriminatie te bespeuren valt? En vanwaar de lankmoedigheid van onze mainstream media om die vanzelfsprekendheid niet in vraag te stellen? Waarom liet hij trouwens Abu Jahjah nog maar eens toe om iedereen te onderbreken en met zijn tirades het gesprek te monopoliseren? Kent hij hem dan nog altijd niet? Of kan hij hem, na zovele negatieve ervaringen, nog altijd niet aan?

Het is evenwel tekenend voor het huidige debat; wat we ook tegenkomen in de aanval van Ikrame Kastit op de anti-polariseringsaanpak van het GO!: er wordt zonder bewijs ervan uitgegaan dat mensen met migratiewortels in dit land al vijftig jaar niet geaccepteerd werden. De arme Koç stelde het voor alsof hij nooit aanvaard werd ondanks zijn perfecte integratie. Dat hij ooit de wonder boy van de Limburgse SP.A was, is hij blijkbaar vergeten. Maar wat wil je, met een Belgische politicus die wat in Turkije gebeurt belangrijker acht dan onrecht dat door zijn eigen kiezers in België voor zijn neus wordt begaan? Kan zo iemand er zich echt wel over beklagen dat hij nog steeds in de eerste plaats als Turk dan als Vlaming wordt aanzien?

Ondertussen zijn er al ettelijke succesverhalen van allochtonen met moslimachtergrond die het gemaakt hebben, ook in de media. Maar men blijft zeuren. En de Bange Blanke Man in onze media staat klaar om voor dat gezeur deemoedig het hoofd te buigen en onze samenleving te laten beledigen door voorstanders van een gesloten samenleving. Ze willen dhimmi’s van ons maken vooraleer het mohammedanisme zelfs maar dominant is. Via de buik van hun vrouwen (vijf kinderen per gezin), als we Erdogan willen geloven.

Eddy Daniels

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!