Wie doorbreekt de communautaire vrede?

Wie doorbreekt de communautaire vrede?

Twee recente dossiers – afschaffen van de gewestelijke voogdij op gemeentelijke benoemingen en de afbouw van een Nederlandstalige wachtdienst in Brussel – tonen aan dat de MR morelt aan de communautaire vrede die aan de basis van deze federale regering lag. Dat loopt parallel met een derde dossier (dat van de quota op aantallen studenten geneeskunde) waarin PS en CDH Vlamingen willen discrimineren. Gevaarlijk is de steun van twee conservatieve Vlaamse regeringspartijen (CD&V en Open Vld) aan deze plannen.

Update

Artsen

Volgens berichten in De Morgen, Het Laatste Nieuws en andere wil minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) het aantal nieuwe artsen dat jaarlijks het beroep mag beginnen uitoefenen laten stijgen tot 1.320. De huidige 60/40-verdeelsleutel zou daarbij vanaf 2022 volledig worden losgelaten. De Vlaamse gemeenschap mag dan 745 artsen inschrijven (56,5 procent) en de Franse gemeenschap 575 (43,5 procent). De Franstaligen krijgen daardoor plots één klap zo'n 15% méér medici, in verhouding tot de bevolking, dan nu. De MR was hier vragende partij. Zowel N-VA als CD&V waren 'not amused'.

De Block verschuilt zich achter een (nog geheim) advies planningscommissie. Die wil dat 'overtallige' Franstalige artsen toch patiënten zullen kunnen behandelen én zich daarbij laten terugbetalen. In ruil zouden de Franstalige universiteiten vanaf volgend academiejaar minder studenten mogen toelaten in het eerste jaar van de studies. Voor wat zo'n belofte waard is. Ik zou er geen cent op durven inzetten. Opvallend is dat De Block wel toegaf dat aan zo'n advies gewerkt wordt, maar zelf geen enkele reden opgaf om die plotse bevoordeling van Franstaligen te verantwoorden.

Deze maatregel zal immers leiden, door de wijze waarop de volksgezondheid en vooral de financiering ervan georganiseerd is, tot hogere uitgaven voor de gemeenschap, en tot een grotere niet-omkeerbare transfer van Vlaanderen naar de Franstaligen.

Brusselse gemeentelijke dienstverlening minder tweetalig

De afschaffing van de gewestelijke voogdij is een soortgelijke communautaire brandbom. Dat werd vorige week gestemd in het Brussels parlement. Het houdt in dat het gewest geen goedkeuring (noch afkeuring) meer kan geven aan gemeentelijke benoemingen. Maar daarmee wordt ook de controle op het toezicht op de tweetaligheid van het gemeentelijk personeel veel moeilijker. CD&V, Open Vld en sp.a steunden dit echter.

Het is daarbij goed geweten dat de Brusselse gemeenten massaal Nederlandsonkundig gemeentepersoneel aanwierven en nog steeds aanwerven. Deze ordonnantie komt erop neer dat de Brusselse gemeenten de taalwetgeving rustig verder mogen negeren. In veel gemeentelijke diensten is de situatie nu al grondig verrot. Brusselse Vlamingen worden er, wanneer ze in het Nederlands bediend willen worden, systematisch slechter behandeld. Het omgekeerde lijkt echter een grote uitzondering. Is dat dan geen duidelijke discriminatie?

Overigens, als die Brusselse gemeenten zo graag ééntalig-Franstalige Nederlandsonkundigen aanwerven, is het dan niet eerlijker om de gemeentelijke diensten maximaal aan de gemeenschappen over te dragen, inclusief de volledige financiële verantwoordelijkheid, en om enkel de nog strikt 'territoriale' zaken – zoals de wegen en de urgentiediensten - gezamenlijk uit te oefenen?

Wachtdiensten

Maar ook dat is geen garantie. Want ook voor de wachtdiensten, waar men net naar unitaire diensten wil gaan, wordt de dienstverlening in het Nederlands door die overgang net afgebouwd. De bevoegde minister wil de autonome Vlaamse wachtdienst – die overigens een best vlot meertalige dienstverlening neerzet – opdoeken door ze financieel droog te leggen. Haar taken zouden dan overgedragen worden aan een tweetalig initiatief (Garde Bruxelloise-Brussel Wachtdienst (GBBW). Deze weigert echter te garanderen dat ze niet op veel momenten enkel door Nederlandsonkundigen bemand zal worden. En de minister weigert om die garantie te eisen.

Een aantal Nederlandstalige huisartsen stappen nu echter naar de rechtbank tegen de beslissing van de Vlaamse Brussel Huisartsenkring (BHAK) om aan dat plan mee te werken Want Vlaamse patiënten moeten dan morgen rekenen op initiatieven van onbetaalde idealistische huisartsen om een correcte medische zorg tijdens de nacht of het weekend zorg te krijgen, of ze moeten naar het UZ, of naar centra in het Vlaamse Gewest trekken.

Schrijnend is het dat huisartsen hun hoop moeten stellen in een rechter omdat de (vele) bevoegde ministers en politici hun verantwoordelijkheid niet willen opnemen. Het gebrek aan Nederlandstalige zorg kan in ernstige situaties zelfs levensbedreigend zijn. De voorbije jaren kwamen al enkele incidenten aan het licht waarbij doden vielen doordat de officieel tweetalige urgentiediensten geen of onvoldoende Nederlands kenden, waardoor ze kostbare tijd verloren, of medische fouten maakten.

Hoe lang gaat deze in wezen gënante klucht nog voortduren? En wanneer stoppen bepaalde Vlaamse partijen met het goedpraten en gedogen van zo'n misprijzen voor onze rechten? Tot nog toe kwam verzet tegen deze discriminatie enkel uit de oppositie (op Brussel niveau). 

Naschrift van de redactie: dit is een aangepaste versie, aangepast na feedback vanuit de MR. De keuze van de Franse Gemeenschap inzake quota voor studenten is immers een zaak van die deelregering. De MR zetelt daar niet in.

Luc Ryckaerts, junior adviseur in een internationale organisatie, Brusselse Vlaming

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!