Wereldwijd wordt kapitaal vernietigd (4)

Wereldwijd wordt kapitaal vernietigd (4)

De spaarder zoekt veiligheid in immobiliën en obligaties en zorgt er daardoor mee voor dat zijn spaargeld steeds minder opbrengt. Hij loopt als de hamster in zijn wiel, maar kan het gewoon niet laten.

We hebben te maken met een ernstig en onderschat probleem : de productiviteit van spaargeld (dat kan dienen om productieve investeringen te realiseren waarbij werkgelegenheid wordt gecreëerd) wordt langzaam maar zeker afgebouwd, terwijl tegelijkertijd de consumptie ervan wordt beloond. Een sluipend maar zich niettemin doorzettend proces dat reeds voor 2008 werd ingezet.

Volgens de Amerikaanse monetaire specialist Keith Weiner moeten we de waardevermindering van kapitaal op een meer accurate manier meten. Bedrijven werken steeds efficiënter en vervangen mensen door machines. Tegelijkertijd vlucht de spaarder in soliede beleggingen, met name immobiliën. De activaprijzen blijven daardoor stijgen. Dus geeft de consumenteninflatie geen correct beeld weer van de geldontwaarding. Daarom hanteert Weiner het begrip ‘koopkrachtrendement’, waarbij het rendement op activa gedeeld wordt door de consumentenprijsindex, dat wil zeggen: men meet wat men met de opbrengst van zijn kapitaal kan kopen, zodanig dat men een goed beeld krijgt van hetgeen men werkelijk kan uitgeven zonder zijn reserves aan te tasten.

Veronderstel dat je een kapitaal hebt van 50 € en de intrest 10% noteert. Ingeval de rijst 5 € per kilo bedraagt, kan je een kilo rijst per jaar consumeren. Veronderstel nu dat de prijs van rijst niet verandert, maar dat de rentevoet terugvalt naar 1%. Dan heb je plots 500 € kapitaal nodig om een kilo rijst te kunnen aankopen. Deze ineenstorting van de koopkracht wordt niet door de consumenteninflatiecijfers weergegeven, maar wel door het fenomeen ‘koopkrachtrendement’.

Weiner heeft het koopkrachtrendement in de Verenigde Staten berekend, met 1962 als startjaar. De volgende grafiek geeft het resultaat daarvan weer. Om de trend beter te kunnen onderscheiden, heeft Weiner de grafische weergave omgedraaid.  Het is duidelijk zichtbaar dat de daling in koopkracht (stijgend in deze omgedraaide grafiek) aanvangt rond 1984, toen de rentedaling net was aangevangen. Het resultaat van constant neerwaarts georiënteerde rentestanden is dus niet sterk stijgende consumentenprijzen, maar krimpende rendementen.

We hebben te maken met een trage maar ontwrichtende ontwikkeling waarbij zakkende rentevoeten, nulrentepolitiek en een beleid dat uiteindelijk negatieve rente voortbrengt, de traditie van eeuwenlange kapitaalaangroei heeft omgekeerd. Want normaal gesproken spendeert men zijn spaarkapitaal niet, alleen het inkomen ervan.

Gedurende eeuwen hebben mensen in de westerse beschaving kapitaal opgebouwd. Daarbij werd meer gecreëerd dan geconsumeerd en werd telkens nieuwe rijkdom aan de volgende generatie overgedragen. Deze evolutie wordt nu omgedraaid.

 De vlucht naar veiligheid schept bubbels

Een andere doelstelling van de centrale banken loopt eveneens in het honderd. De redenering van de beleidsbepalers was en is: naarmate de rente daalt, stimuleert dit niet alleen de opname van krediet maar doet dit ook de activaprijzen (aandelen, obligaties, vastgoed) stijgen en ontstaat er zowel bij bedrijven als gezinnen een positief welvaartsgevoel. Wat op zijn beurt hun uitgavepatroon – en dus de economische groei – gunstig beïnvloedt.

Spaarders en beleggers, die nog enig rendement willen behalen, hebben inderdaad geen andere keuze dan over te schakelen naar aandelen, obligaties en vastgoed. Met als gevolg dat men in deze activaklassen grote zeepbellen kan waarnemen. In de volgende afbeelding zien we hoe de nulrentepolitiek van de Amerikaanse centrale bank (rode lijn) de prijzen van commercieel vastgoed in de Verenigde Staten (blauwe lijn) in de hoogte heeft gejaagd.

Het aangehaalde probleem van dalende kapitaalproductiviteit wordt niet begrepen omdat dit fenomeen gemaskeerd wordt door stijgende activaprijzen. Speculatie is de beste manier geworden om winst te behalen. Nulrente maakt het aantrekkelijk om op activaprijzen te speculeren en is niets anders dan een transfer van spaarders naar speculanten.

Stijgende activaprijzen zijn echter schijnwelvaart. De financiële geschiedenis bewijst ten overvloede dat stijgende markten en stijgende prijzen niet blijven duren. In die zin was het debacle van 2008 een ernstige waarschuwing, die tot op vandaag nog altijd niet goed wordt begrepen. Echte winst ontstaat namelijk alleen uit goed georiënteerde investeringen en productie, niet uit consumptie.

De jarenlange evolutie van dalende rentevoeten hebben een proces/ontwikkeling voortgebracht van steeds meer lenen en steeds meer schuld aangaan. Mensen ontlenen niet om hun consumptie te vergroten, maar om meer activa te bezitten.

Het onvermijdelijke toekomstige uiteen klappen van voornoemde zeepbellen zal een enorm waardeverlies met zich brengen. We dienen ons voor te bereiden op structurele deflatie.

Hetgeen in Japan tussen 1990 en nu gebeurd is - aandelen- en vastgoedcrash, belangrijke begrotingstekorten, enorme schuldentoename en geen of lage economische groei - kan als voorbeeld dienen.

De rijken rijker, de jongeren armer

Onderzoeker en auteur Chris Martenson van peakprosperity.com heeft berekend dat Amerikaanse spaarders, beleggers en investeerders tussen 2008 en 2014 minstens 750 miljard dollar aan inkomsten gederfd hebben.

Martenson : “Dat verlies aan koopkracht is niet zomaar verdwenen. Dat is op magische wijze terug opgedoken in allerlei vormen: bonussen op Wall Street, krimpende overheidstekorten, stijgende bedrijfswinsten – om vooral de rijken ten goede te komen, in een recordaantal buybacks (het aankopen door bedrijven van eigen aandelen) én in een groeiende vermogenskloof.”

Het losse geldbeleid van de centrale banken stuwt dus de prijzen van activa hoger. Echter, om hiervan te kunnen profiteren moet men natuurlijk in die activa kunnen investeren. Wat gewoonlijk meer het geval zal zijn voor ouderen, terwijl het meestal de jongeren zijn die aankijken tegen bijvoorbeeld hoge huizenprijzen. De nationale bankiers verbreden niet alleen de kloof tussen rijken en niet-rijken, ze brengen ook een vermogenstransfer over de generaties heen op gang. Het is net die toenemende vermogensongelijkheid die in grote delen van de wereld een duurzaam economisch herstel verhindert.

Rente, de prijs van het geld, is de basis van elke economische berekening en kan niet anders dan positief zijn. Het langdurig naar beneden manipuleren – en dus vervalsen – van de basismaatstaf van het financieel-economisch systeem is zeer ernstig en leidt tot een reeks welvaartvernietigende scheeftrekkingen.

Deze politiek houdt zombiebedrijven overeind, verleidt gezonde ondernemingen tot financial engineering, leidt tot buitensporige arbeidsuitstoot en creëert overcapaciteit in de globale economie.

Het sparen wordt ontmoedigd, het aangaan van schulden wordt vergemakkelijkt. De eeuwenlange opbouw van kapitaal wordt niet alleen teruggedraaid, er is tevens een enorme speculatie- en bubbelcultuur ontstaan.  

Geen enkele bank, verzekeraar of pensioenfonds kan overleven bij negatieve intrest.

Dit centrale-bankenbeleid, dat bovendien rijken rijker maakt en niet-rijken armer, is een experiment dat alleen mogelijk is in een gemanipuleerd systeem. Negatieve rentestanden ondergraven definitief het wereldwijde financieel-economische stelsel.

Niet of maar wanneer komt de finale crash ?  Hoe lang nog vooraleer de centrale banken definitief de controle kwijtraken?

(Slot)

Dirk Bauwens is crisistrendwatcher met focus op geld en economie. Opleiding en carrière als marketeer. Informatie-en researchspecialist. Hij is ervan overtuigd dat de westerse beschaving in een existentiële crisis verkeert en dat er grote veranderingen op til zijn. Blog: systeemcrisis.blogspot.be

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een  bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!