Waarom rimpeldagen ‘opschuiven’

Waarom rimpeldagen ‘opschuiven’

Vakbonden eisen mordicus dat de huidige regeling voor rimpeldagen integraal behouden wordt. Minister De Block wil de aanvangsleeftijd met 5 jaar later laten ingaan en dat voordeel enkel toekennen aan wie effectief zwaar werk verricht. Me dunkt heeft ze sterke argumenten, en 'meer' gelijk dan de vakbonden en linkse critici.

Rimpeldagen zijn extra vakantiedagen voor oudere werknemers in de zorgsector. Vanaf 45 krijgen ze een beperking op het nodige aantal werkuren per week met 2 uren. Per vijf jaar komen daar 2 uren bij. Voor een werknemer boven de 60, levert dat dan 3 extra vrije dagen per maand op. Die dagen werden ingevoerd om het zware beroep van verpleegkundige en verzorgende aantrekkelijker te maken.

Maar is het voorstel van de minister wel eerlijk? En is het sociaal verantwoord? Om dat te beoordelen moeten we de impact van de huidige verhoging van de pensioenleeftijd mee in rekening brengen. Nu gaan velen al voor hun 60 op pensioen. Maar als de pensioenleeftijd stijgt naar zeg 65, dan neemt het totale aantal rimpeldagen dat men kan opnemen ook fors toe. Dat komt omdat het aantal dagen waarop men recht heeft boven de 60 verder toeneemt, en straks ook boven de 65, maar ook omdat men, onder de huidige regeling, veel meer jaren van dat systeem zal kunnen genieten.

We vergelijken bij wijze van voorbeeld iemand die onder de huidige regeling op 58 op pensioen zou gaan, en straks op 65. Bij dat laatste vergelijken we de huidige regeling met wat De Block voorstelt.

Fig. 1: omvang van het totale aantal rimpeldagen: huidige toestand en 2 scenario’s

 

Deze figuur verduidelijkt dat sterke verhoging van de feitelijke pensioenleeftijd en behoud van de huidige regeling voor een sterke toename van het totale aantal zulke dagen zorgt, gerekend over de totale loopbaan. De relatieve omvang van die toename hangt in hoge mate af van de leeftijd waarop men op pensioen gaat. Zo blijft dat aantal voor mensen met een zwaar beroep die op 63 op pensioen gaan in plaats van op 58 gelijk.

Het systeem van rimpeldagen moest ertoe bijdragen dat die mensen met zware en fysiek belastende jobs langer aan het werk kunnen blijven. Al bij al een correcte inschatting dus. Volgens mij is het dus best verantwoord dat men de aanvangsleeftijd enkele jaren verschuift, evenredig met de verhoging van de pensioenleeftijd. En het is nog meer verantwoord om die dagen strikt voor te behouden voor al wie effectief in zware beroepen en taken werkzaam is. Voor mensen met een administratieve functie zonder weekend- en nachtdiensten is er geen enkele redelijke verantwoording.

Voor wie het verschil van 7 jaar tussen beide scenario's wat veel vindt, wil ik erop wijzen dat de feitelijke, effectieve pensioenleelfijd hier significant lager ligt dan in talrijke andere, vergelijkbare landen. In Japan, Ijsland en Nieuw-Zeeland ligt het voor mannen zo'n zever jaar hoger dan hier; in Nederland, Noorwegen, de VS, Australië, ... 5 à 6 jaar hoger. Voor vrouwen is het verschil typisch een jaar kleiner (cijfers oeso, hier).

Is dit voorstel dan billijk? Mensen worden ondertussen ook zoveel jaar ouder. En het werk blijft in se hetzelfde, dus even zwaar. Dat klopt. Maar de kwaliteit van de geneeskunde en de werkomstandigheden gaan er ook op vooruit. Een zekere verhoging van de instapleeftijd is dus zeker OK. Maar vijf jaar later is wel wat veel.

Terzijde, het is niet echt zo is dat “de werknemers deze extra dagen zelf betaald hebben”, zoals in sommige syndicale en linkse kringen beweerd wordt (zoals hier). In praktijk zijn het de belastingbetalers samen met al wie sociale zekerheidsbijdragen betaalt die dat voor 100% financieren.

Martha Huybrechts, leraar wetenschappen

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!