Waarom geen Europees vreemdelingenlegioen? - update

Waarom geen Europees vreemdelingenlegioen? - update

Opvang van migranten die hier illegaal toekwamen kent nog geen afdoende antwoord. Teveel illegale mannelijke immigranten hebben hier geen kans op een faire toekomst, en tevelen importeren problematisch gedrag. Misschien biedt een Europees vreemdelingenlegioen een deel van het antwoord – naast de elders besproken opvang in de meest nabije veilige streek én het gedwongen terugsturen.

Alleenstaande mannelijke asielzoekers hebben, volgens nogal wat aanwijzingen, slechts een lage kans op succesvolle integratie in Europa of andere democratische landen. Maar ze veroorzaken wel grote risico's op geweld. Dat komt, statistisch gezien, vooral door hun culturele kenmerken én hun niet zelden twijfelachtige motivatie. Dat verklaart ook waarom Canada, ook onder de progressieve Justin Trudeau, alleen maar gezinnen toelaat. Duizenden vinden hier wel hun draai, en gedragen zich hier correct, maar veel anderen blijven lang hangen in steunmaatregelen, of ze vertonen problematisch gedrag. Overheden zijn daarom misschien beter terughoudend met erkenning als vluchteling, en voor immigratie. Dat mag ons niet beletten te zoeken naar andere manieren om mannen die werkelijk op de vlucht gingen, toch nog op andere manieren humanitaire steun te bieden dan enkel die in de voor hen meest nabije veilige streken en landen.

Hierbij een alternatieve denkpiste, namelijk een ‘Europees vreemdelingenlegioen’ met twee onderleden, een civiel een een kleiner militair deel.

Iedereen kent wel het Franse Vreemdelingenlegioen. Dat is een onderdeel van het Franse leger. Minder geweten is dat het anno 2016 wereldwijde een sterk humanitaire inzet kent. Het bestaat uit soldaten van vooral vreemde herkomst en vooral Franse officieren. Soldaten die een minimale periode van aantal jaren dienst succesvol afronden, klassiek zeven jaar, kunnen dan de Franse nationaliteit verkrijgen. Velen haken echter af.

Foto: copyright Lepoint.fr

 

 

 

 

 

Naar analogie daarmee zouden we een Europees vreemdelingenlegioen kunnen oprichten, met een militaire en een civiele poot. Die humanitaire poot krijgt dan een zuiver humanitaire taak. De militaire poot kan voor vredesmissies van de VN ingezet worden, voor soortgelijke missies van andere internationale organisaties zoals de Afrikaanse Unie, en voor grensbewaking van de EUDe inzet van beide onderdelen ligt dan grotendeels buiten de EU en aan de grenzen ervan. De EU-landen kunnen elk dan kiezen of ze aan dat legioen deelnemen.

Zo’n legioen moet dan deze legionairs intensief scholen en een stevig pak extra competenties aanleren en inoefenen. Daardoor krijgen ze ook individueel een grote meerwaarde voor hun respectieve landen van herkomst én meer professionele kansen. Tegelijk zal dat die landen van herkomst daadwerkelijk een waardevolle hulp kunnen bieden.

Beide onderdelen - het civiele legioen en het militaire - richten zich op alleenstaanden, met of zonder correcte papieren, die niet in aanmerking komen voor erkenning als vluchteling in de Europese Unie en die kiezen voor deze optie, of die zich wel illegaal toegang tot een EU-land verschaften (waarbij dit een alternatief is voor directe uitwijzing of opsluiting). Ze zouden opgevangen worden in vaste basissen aan de grenzen van de Europese Unie én in bevriende landen daarbuiten. Ze krijgen daar intensieve training, en voor al wie het aankan, aanvullende scholing of bijscholing naar functies in genie, transport, communicatie, medische diensten, ICT en moderne gegevensverwerking. Ze krijgen allen ook een grondige vorming in basisprincipes van de democratische samenlevingen, en in de instellingen en de rechtsregels van de Europese Unie. En uiteraard horen ze een eed van loyauteit aan deze en aan het zelf gekozen gastland af te leggen. Verder kan ook hun kennis van één of meerdere van de operationele talen van dit legioen bijgespijkerd worden.

Mogelijk is het aangewezen dat er één algemene werkingstaal is, Engels dus, met de mogelijkheid dat de legionair daarna, tijdens operationele inzet te velde, ook een tweede EU-taal aanleert of zich daarin verder bekwaamt. Maar of er één werkingstaal is, of meerdere, dat is bijkomstig.

Fig. 1 : Mogelijke inzet in Middellandse Zee gebied (copyright: Wikipedia/De Bron)

Operationeel kunnen de humanitaire eenheden ingezet worden in de heropbouw van landen en streken die natuurrampen of burgeroorlogen kenden, naast meer structureel ondersteunende missies in het kader van ontwikkelingssamenwerking. Voor de vaste basissen binnen de EU kunnen we aan Cyprus, de Griekse eilanden, Malta, Lampedusa en Sicilië denken. En buiten de EU moeten landen gevonden worden die daaraan willen meewerken. Daarvoor kunnen we kijken naar Noord-Afrika, Libanon, Jordanië, maar ook de hele Sahel, Zuid-Soedan, Ethiopië, Eritrea, Somalië en Irak.

Voor de militaire component komen de vaste en tijdelijke militaire basissen van de EU-lidstaten buiten Europa in aanmerking. Vandaag heeft Frankrijk bijvoorbeeld permanente militaire basissen in Frans Guyana, de Centraal Afrikaanse Republiek, Tsjaad, Djibouti, Gabon, Guinea, Ivoorkust, Libanon, Mali, Niger, Senegal, de Verenigde Arabische Emiraten, Burkina Faso en Kameroen. De Britten hebben er onder meer in Cyprus, Kenya, Oman, Nepal, Sierra Leone, Qatar en Bahrein.

Foto: copyright Carlos Latuff / Operamundi

 

Aansluitend kunnen militaire én civiele eenheden ingezet worden op Griekse en andere eilanden in de Middellandse Zee, al dan niet binnen een aanzienlijk te versterken Frontex. Aan die grenzen is het immers, humanitair én militair, alle hens aan dek tegen de vijandige sturing van migratiestromen door met name de Turkse overheid. De Turkse dreiging om de EU-grenzen te overspoelen is duidelijk én eist een assertief, krachtdadig antwoord. Gezien de aantallen islamitsische terroristen die de voorbije jaren via Turkije mochten transiteren, is die dreiging zeer groot.

Om evidente redenen is een strikte discipline voor beide componenten aangewezen. Sowieso hoort het legioen een strikt seculiere interne orde te kennen. Elke legionair mag daarbij voluit zijn eigen religie beleven, maar strikt binnen de privé-tijd én binnen de beperkingen van de democratische rechtsorde. Legionairs krijgen geen salaris, maar enkel kost- en inwoon en een beperkte vergoeding. De hoogte daarvan kan bepaald worden naar de gemiddelde levensduurte in de landen van herkomst. Die vergoeding kunnen ze dan gebruiken voor steun aan hun achtergebleven familie (ouders, …).

Mogelijk is het ook zinvol om het legioen, al dan niet met aparte eenheden, ook open te stellen voor alleenstaande vrouwen. Vrouwen zullen overigens, quasi onvermijdelijk, ook in de leidinggevende kaders werken. Dat vloekt natuurlijk met het stoere beeld van het leger. Maar ook in het Franse Vreemdelingenlegioen zijn er al vrouwelijke leidingevenden. Gezien de aanwezigheid van vrouwen in alle EU-legers, lijkt het me onvermijdelijk én goed dat ze ook in deze eenheden ingezet kunnen worden. Daarnaast zullen vrouwelijke leidinggevenden ook veel kunnen bijdragen tot de beoogde culturele en filosofische integratie.

Legionairs kunnen dan tekenen voor een aantal dienstperiodes van telkens enkele jaren, waarbij de minimale periodes evenredig kunnen zijn met de aard van de genoten trainingen. De eerste periode omvat dan een korte intensieve basistraining, gevolgd door een eerste operationele periode. Of de legionair daarbij eerst een civiele, dan wel eerst een militaire basisopleiding krijgt, dat is niet onbelangrijk. Het lijkt me een evidentie dat legionairs die hun eerste periode succesvol afronden daarna toegang krijgen tot het volledige aanbod opleidingen via afstandsonderwijs (open unief en andere).

Alle Europese landen zouden, op vrijwillige basis kunnen deelnemen aan het programma. Organisatorisch zou dat ingepast kunnen worden in de nog embryonale militaire samenwerking van de Europese Navo-landen.

Legionairs die afzwaaien kunnen dan of terugkeren naar hun land van herkomst, of, mits ze ook aan de bijkomende voorwaarden voor immigratie voldoen (qua taalkennis en eed van trouw), in een EU-land een verblijfsvergunning verkrijgen én snelle toegang tot de nationaliteit. Dat vraagt dan een minstens even lange dienst als de vereiste analoge periodes bij de gewone immigratie.

Naschrift 21 Nov. 8u21: enkele lezers waarschuwden voor militaire opleiding van islamisten en andere potentiële extremisten. Het spreekt voor zich dat alle risicogroepen enkel toegang kunnen krijgen tot civiele opleidingen en een civiele taak.

Rudi Dierick, ingenieur, zakelijk adviseur en hoofdredacteur De Bron

Dit artikel is een onderdeel van ons 'Dossier Vluchtelingen'. Daarin analyse en voorstellen:

Analyse:

  • Een humanitaire piste naar mensensmokkel – Over een familie die een Syrisch gezin naar hier wil halen, maar onbewust de deur voor mensensmokkel open zet, en nog enkele andere heikele problemen.
  • De Barmhartige Samaritaan herbekeken – Een parabel die zeer tendentieus en dus onvolledig gelezen wordt.
  • Alibi-Ali leugens verder geanalyseerd – over wie in gebreke blijven in hun hulp aan de vluchtelingen uit Syrië en Irak.
  • Ze kunnen het nog steeds niet – Over Europese en Belgische ministers die de uitdagingen van deze migratiegolf en de integratie van bepaalde groepen niet begrijpen. Wat bijvoorbeeld met de 'absolute' oproep tot geweld van bepaalde islamisten?
  • De nieuwe heiligen – Velen willen migranten een bevoorrechte status toekennen. Die zouden niet dezelfde wetten moeten respecteren als alle anderen. Maar is dat geen dodelijk gevaar voor onze burgers, onze cultuur en onze democratie?
  • Gros verdachten Keulen wel ‘V’ én ‘M’ – Zou het verdoezelen van problemen ook maar één probleem oplossen?

Voorstellen:

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!