Topjournalisten behoeven geen feiten meer

Topjournalisten behoeven geen feiten meer

Yves Desmet voert Walter Zinzen op als linkse coryfee. Tijdens een interessant interview blijken beide topjournalisten echter niet veel interesse te hebben voor feiten, ze dansen liever rond elkaar in onbewezen beweringen.

In Humo 4014 (07/08) benoemde David Van Reybrouck in een interview met Yves Desmet de VRT-coryfee Walter Zinzen tot potentiële Bernie Sanders of Jeremy Corbyn van Vlaanderen. Dus Desmet naar Zinzen die zegt dat hij niet meer bijgekomen was van het lachen toen hij dat vernam, en zijn leeftijd (tachtig) als argument inroept om hem dat niet meer aan te doen. Dat levert wel interessante beschouwingen op, die duidelijk maken waar en waarom ‘links’, inbegrepen Zinzen en Desmet, vandaag het spoor bijster is (4015 14/08).

Snel-Belgwet kwam van ‘neoliberalen’

Een juiste opmerking van Zinzen is mijns inziens dat de macht van de media vandaag schromelijk overroepen is. Zowel Sanders als Corbyn werden, volgens hem, met hun oplossingen ‘uit de oude doos’ neergezet als de baarlijke duivels (wat natuurlijk schromelijk overdreven is, Sanders werd door de media eerder ten tonele gevoerd als onschuldig knuffelbeertje). Maar precies omdat zij teruggrepen naar ideeën die nauwelijks nog besproken worden, klonken zij voor de jonge generatie, nu de sociaaldemocratie in de touwen hangt, verrassend nieuw en verfrissend, meent hij. Daar zit iets in. Daarna gaat hij zelf uit de bocht.

Zinzen somt immers de punten op waar links volgens hem in de fout is gegaan: in het afweren van vluchtelingen; in het meegaan met het neoliberalisme; in het loslaten van de solidariteit. Hij ziet dat weerspiegeld in de discriminatie op de arbeidsmarkt, de huurmarkt en in het onderwijs en poneert die alsof ze bewezen waarheden zijn. Wat hij weigert in te zien, is dat deze al dan niet bestaande discriminaties niet het gevolg zijn van het veel gesmade neoliberalisme, dat sterk hamert op eigen verantwoordelijkheid, maar ook sterk voor open grenzen is. Het was ‘Baby Thatcher’ Verhofstadt die de snel-Belgwet, en het gemeentelijk stemrecht (voor wie weigert Belg te worden) heeft doorgeduwd. De erop volgende discriminaties zijn het gevolg van maatschappelijke evoluties die Zinzen in zijn ‘solidaire’ verblinding blijkbaar ontgaan zijn.

Toen de eerste islamitische migranten hier arriveerden (in 1963-64) was er namelijk geen discriminatie. Het is de vroegere krant van Yves Desmet die in 2003 een uiterst onthullende reportage publiceerde van migrantenkinderen over de zeer correcte opvang die hun vaders indertijd genoten hadden (DM 31/05/2003; ik citeerde daaruit uitvoerig in mijn eerste boek, De Open Samenleving en haar Nieuwe Vijanden, 2003, p. 60-61; ik heb dat gedeelte geherpubliceerd op De Bron onder de titel Meubels kregen ze indertijd van de mijn).

Al met personeelsmanagers gesproken?

Bij nader toezien vonden velen de mijn toch wat te vuil, waarna vakbondsmensen hen kwamen uitleggen dat ze zich aan die ‘sponsor’ niets moesten gelegen laten en dat ze met hun arbeidsvergunning ook elders aan de slag konden. Het dan startende Ford-Genk nam ruim Marokkanen en Turken op die op kosten van de koolmijnen, en met de nodige égards, naar hier waren gehaald. Ter vergelijking: in de Arabische oliestaten aan de Golf worden Aziatische migranten ook door een ‘sponsor’ opgehaald. Hij houdt meteen hun paspoort in, en moet een bedrag op een geblokkeerde rekening zetten om hun terugreis te financieren; bij het minste vergrijp worden ze terug op het vliegtuig gezet).

De discriminatie bij aanwervingen is bij ons geleidelijk aan ontstaan, toen sommige groepen gastarbeiders zich problematisch begonnen te gedragen, om het vriendelijk uit te drukken. Dat was overigens zelden in de eerste generatie het geval, maar eerder in de volgmigratie en bij de jongeren die hier opgroeiden. Over de oorzaken daarvan kan lang door geboomd worden, feit is dat Turken lange tijd zeer goed gezien waren bij personeelsmanagers en dat velen over Marokkanen klaagden. Of dat nu nog zo is, na de strapatsen van Erdogan, weet ik niet, feit is dat die discriminatie minstens ten dele het gevolg is van de attitude van sommige allochtonen (die dan onrechtvaardig aan allen van dezelfde bevolkingsgroep wordt toegeschreven, dat klopt). De reflex werd: problemen voorkomen, door hen op afstand te houden.

Zinzen stelt dat hij nog maar weinig politici van hier is tegengekomen in de vluchtelingenkampen in Afrika, die hij tamelijk goed kent. De beroepsmisvorming leidt er dan toe dat hij het eigen land met een ‘Afrikaanse’ bril gaat bekijken. Dat kan verrijkend zijn, maar ik vraag me dan op mijn beurt af hoeveel journalisten ooit ernstig onderzoek hebben gedaan naar de problemen waar personeelsmanagers mee te maken hebben in multiculturele bedrijven. Ze zullen overigens het achterste van hun tong niet laten zien, benauwd als ze zijn om racisme verweten te worden. In een vertrouwensrelatie, en off the record, hoor je echter soms wel eens wat. Maar omdat ze dat onderzoek vermijden, en liever klagen over Afrika, krijg je situaties die breed denkende journalisten soms volkomen ontgaan.

Liever in een getto dan in een dorp

De woonmarkt bijvoorbeeld. Die is in ons land grotendeels in handen van de kleine spaarder die er zijn pensioen mee aanvult. Die mensen zijn benauwd voor wie in hun huis of appartement komt en staan weigerachtig tegenover mensen met een andere wooncultuur. Soms terecht. Het is eventueel aan de overheid om dat probleem op te lossen, niet aan de particulier. Die doet dat ook ten dele via sociale woningen, maar die zijn er te weinig. Het paradoxale gevolg (en dat ziet Zinzen weer niet) is niet slechts dat daardoor veel vreemdelingen uit de boot vallen, maar ook dat veel autochtonen in een problematische situatie terecht komen. Want hoe berooid die soms ook zijn, iemand die hier zonder hebben en houden aankomt, zal altijd berooider zijn en naar voren schuiven op de wachtlijsten.

Dat zet veel kwaad bloed en heeft het Vlaams Blok geen windeieren gelegd. Een mogelijke oplossing is theoretisch een beter spreidingsplan, en dat is ook uitgeprobeerd. Maar nu wil een menselijke reflex dat migranten liever samenhokken in probleemwijken bij mensen met eenzelfde culturele achtergrond, dan deel uit te maken van een absorberend dorpsleven waarin zij zich aan lokale gewoonten moeten aanpassen. Die vaak zelf gekozen gettovorming bevestigt en bevordert hen in hun achterstelling. Dat is begrijpelijk, maar dat kan je de autochtone cultuur niet verwijten. Er zijn vele Vlaamse dorpen waar mensen zich organiseerden om noodlijdende nieuwkomers voort te helpen, om vast te stellen dat die na enkele maanden weer verdwenen waren, meestal naar een centrumstad. Heeft Zinzen daar al eens over nagedacht?

Ze worden in het Beroeps gestopt

Tenslotte de discriminatie in het onderwijs. Wij kennen de slogans: de gastarbeiders werden naar hier gesleurd en hun kinderen werden door het CLB in het beroepsonderwijs gestopt. Welja, de door sociale scholen gevormde medewerkers van het CLB zijn gehaaide racisten die op de loer liggen om migrantenkinderen hun toekomstkansen te ondermijnen.

De waarheid is natuurlijk dat vele leerkrachten hier onbetaald en ongevraagd extra inspanningen hebben gedaan om migrantenkinderen op te vangen en vooruit te helpen, maar daarbij vaak gebotst zijn op a) een gebrek aan interesse of medewerking van de ouders; en b) slechte wil bij vele jongens. Veelal niet bij meisjes voor wie de school een vrijhaven is van de drukkende sfeer thuis, met een moeder die niet buiten mag komen en  de godganse dag depressief voor schotelantenne-tv hangt; en een stel jengelende broertjes of zusjes waar zij na schooltijd voor mogen zorgen. Als je dan weet dat nogal wat Marokkaanse jongens ’s avonds op straat rondhangen, dan is de cirkel rond.

Op twaalfjarige leeftijd moet het CLB dan oriënteren, en dan blijft slechts het beroepsonderwijs als alternatief over. Om vervolgens te tonen dat dit beneden hun waardigheid is (al leidt dat tot zeer gegeerde beroepen) slagen de kleine sjeiks er soms in om ook in die studies niet te slagen. Achteraf zijn de baantjes die ze dan kunnen krijgen, hen ook nogal eens te min, en weigeren ze (in Brussel) Nederlands te leren. Dan is de cirkel alweer rond: ze zijn het slachtoffer van ‘uitsluiting’.

En de Berbers? En de Koerden?

Als Marokkanen echter uitsluitingsmechanismen willen zien, dan kunnen ze best eens in Marokko gaan rondkijken, en dat geldt ook voor de Turken in Turkije. Als ze klagen over het racisme hier, dan mogen ze me wel eens uitleggen hoe Berbers worden bekeken in Marokko of Koerden in Turkije, om over de semi-slavernij in het Land van de Twee Moskeeën (Mekka en Medina) nog te zwijgen. Maar dat ziet de wereldreiziger Zinzen met zijn Afrika-kennis niet. Hij hangt vast in de oude slogans van precies dàt links waarvan hij zegt dat het in de touwen hangt. Hij klaagt aan: ‘Waarom laten we toe dat het mainstream wordt om te beweren dat je met al die bruine gasten niets dan last hebt?’ En hij verwijst naar een betoging van tienduizenden – Hand in Hand in 1991 (waar ik ook aan deelnam) – om het Vlaams Blok tegen te spreken. ‘Maar vandaag hoor je bijna overal echo’s van hun retoriek.’

Als goede journalist zou Zinzen moeten onderzoeken, of zich minstens moeten afvragen, waarom die mentaliteit blijkbaar zo omgeslagen is. Dat doet hij niet, hij plaatst tegenover de abjecte retoriek van het Blok indertijd de volkomen wereldvreemde retoriek van links vandaag. En hij pleit impliciet voor het laatste waar een journalist voor pleiten mag, een gedachtenpolitie die dit mainstream-denken ‘niet meer toelaat.’ Liever dan de problemen te benoemen, wil hij het bespreken ervan blijkbaar ondergronds drijven in naam van het moreel correcte denken.

Damned if you do, damned if you don’t

Tenslotte bakt hij het erg bruin als hij, in naam van ‘Nooit meer oorlog’ onze minister van defensie verwijt ‘mee te gaan bombarderen in landen waar wij niets te zoeken hebben.’ Ja, ja, en de yezidi’s moeten hun dochters laten verkrachten, zeker? Als we niet gaan, krijgen we het verwijt dat we onmensen bezig laten. En als we gaan hebben we er niets te zoeken. Catch 22 heet dat.

Maar nee, het zijn ‘wij’ die volgens hem die kinderen ginder doden. Een tijdje geleden was er een klacht dat bij een bombardement door onze vliegtuigen burgerdoelen getroffen waren. De indruk die ik kreeg was dat onze militaire overheid dit zeer ernstig onderzocht heeft en duidelijke bewijzen voorgelegd heeft dat dit niet het geval was geweest. Waren die bewijzen dan vals? Ik heb Van der Maelen of Calvo dat niet horen beweren. Beweert Zinzen zo maar wat? Waarom heeft Desmet hem geen concrete voorbeelden gevraagd?

Hetzelfde geldt voor Zinzens verwijt dat Afrikaanse asielzoekers niet meer automatisch vluchtelingen worden genoemd. Zijn argument is dat ze immers verzuipen in de Middellandse Zee. Het volstaat volgens hem blijkbaar om in een wankel bootje te stappen om een vluchteling te zijn. En ik die dacht dat de term ‘vluchteling’ juridisch omschreven werd door de Conventie van Genève? Maar ja, als feiten en een juiste terminologie voor twee topjournalisten al niet meer tellen, meer nog: door hen belachelijk worden gemaakt…

'Ze zullen ons niet overspoelen', beweert Zinzen nog. Is hij nu al de hallucinante beelden vergeten van de massale volksverhuizing in het najaar van 2015? 'Wij zullen ze nog hard nodig hebben', denkt hij ook heel trendy, zonder het minste bewijs. Ik kan hem slechts het artikel aanraden van Jan Op de Beek op De Bron (14/08/17, overgenomen van NRC 09/08), Nee Lubbers, we hebben geen vluchtelingen nodig. Maar ik vrees dat noch hij, noch Desmet dit zal lezen. Het bevat immers feiten.

Eddy Daniels

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een  bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!