'Tegen polarisering ageren is polariseren'

'Tegen polarisering ageren is polariseren'

Ikrame Kastit is een fris ogende dame zonder hoofddoek, die ooit zelfs bedreigd werd door Sharia4Belgium omdat zij zich tegen extremisme keerde. Zij is Groen-gemeenteraadslid in Antwerpen en coördinator van Uit de Marge/Centrum voor Maatschappelijke Gelijkheid en Jeugdwelzijn. Ondanks die adelbrieven vond zij het nodig via Knack.be (19 mei) een aanval te doen op het gemeenschapsonderwijs (GO!) omdat dit samen met de inspecteurs islam een studiedag voor moslimleerkrachten had opgezet tegen polarisering onder de moslims en tussen bepaalde moslims en de rest van de maatschappij. 'Deze maatregel sluit aan bij een breder maatschappelijke klimaat van wantrouwen ten opzichte van moslims’, zo beweert zij, zonder daarvoor één ernstig argument te hebben. Argumenten blijken in dit debat een overbodige luxe te zijn.

De studiedag voorzag in een behoefte

Eerder bood Knack.be (17 mei) nog ruimte aan GO! om uit te leggen dat heel dit project in een positieve sfeer gebeurde. Het liet Raymonda Verdyck aan het woord (algemeen directeur GO!) die zegde dat islamleerkrachten vaak als eerste geconfronteerd worden met radicalisering en extreme attitudes. ‘Hoewel ze hun best doen om daar op een juiste manier mee om te gaan, is het vaak zoeken hoe ze dat kunnen doen. Met deze opleiding willen we een handvat aanbieden om het extremistische discours van radicale stromingen zoals IS tegen te gaan’. Dat daar grote behoefte aan is, blijkt uit het feit dat van de 740 islamleerkrachten die in aanmerking kwamen er zeer snel meer dan 600 inschrijvingen binnenliepen. Toegegeven: de inspectie had sterk aangedrongen om aanwezig te zijn, maar zonder formele verplichting van het GO!.

De Groen-politica: ‘Door de bijscholing te verengen naar islamleerkrachten, en bijgevolg moslimleerlingen, zorg je er net voor dat moslims als probleem ervaren worden. Dit verhoogt de druk die jonge moslims vandaag al voelen. Opnieuw worden zij bekeken als oorzaak van een te adresseren probleem rond radicalisering en polarisering’. Wij waren met twee redacteuren van De Bron (Rudi Dierick en ikzelf) aanwezig op de inleidende exposés van Ahmed Azouz, inspecteur islamonderwijs; van Karin Heremans, directeur van het Atheneum van Antwerpen; en van gastspreker Cherif al-Maliki. Wat Kastit hier bewijst is dat zij niet eens geluisterd heeft naar wat die mensen vertelden, en ook niet de uitgeprinte slides heeft ingekeken die elke deelnemer uitgereikt kreeg en die ze had kunnen inkijken, zelfs als ze niet aanwezig was.

Azouz leidde de dag in met de stelling dat wij een verharding meemaken ‘waarbij men onze jongeren wil wijsmaken dat zij geen deel uitmaken van onze maatschappij’, een opinie die hij wilde bestrijden. Heremans vertelde dat het GO! in zijn actieprogramma tegen radicalisering in de samenleving de nadruk legt op vier gevaren: extreemlinks; extreemrechts; vanuit dierenrechten; en in jihadische richting (slide 2 pagina 4). Daarbij benadrukte zij dat er met radicalisme bij jongeren op zich niets fout is, omdat dit deel uit kan maken van een soms waardevolle identiteitsontwikkeling, maar dat het gevaar hem zit in de ontsporing. Die gebeurt vaak vanuit propaganda die zich richt op emoties, op persoonlijke frustratie of op beeldvorming in de media, vooral dan via complottheorieën. Met een wij-zij-verhaal als gevolg dat kritische reflectie uitsluit. Net op die laatste as wil het GO! weerbaar maken door in te spelen op de onvervulde vragen van de jongeren.

Een verslag voor de gebeurtenis

Daartoe had het Cherif al-Maliki uitgenodigd, een ‘deradicaliseerder’. Ik heb twijfels bij de verhalen die hij vertelt en maakte dat al eerder duidelijk op De Bron (02/06/2016). Maar zonder zijn goede bedoelingen of persoonlijke integriteit in twijfel te trekken. Hij begon zijn uiteenzetting met de stelling dat hij de pretentie niet had de wijsheid in pacht te hebben, dat alle personen in het publiek zelf hersenen hadden en dat hij op een stevige discussie hoopte (wat binnen klassiek islamonderwijs allemaal verre van evident is). Helaas mochten wij slechts zijn inleiding, maar niet de discussie zelf bijwonen.

In alle geval: Kastit verzint zomaar wat, haar artikel lijkt geschreven te zijn voor de studiedag plaatsvond: ‘Moslimjongeren worden constant in een defensieve positie geduwd terwijl ze zonder complexen en stigmatisering willen deelnemen aan onze samenleving vanuit een gelijkwaardige positie, strevend naar gelijke rechten en waardering’. Laat dit nu net dat zijn wat GO! wil bevorderen. In een gesprek met Rudi Dierick in de marge van de studiedag vertelde Verdyck: ‘We willen een neutrale leeromgeving waarborgen, samen met alle leerkrachten, zowel die van de levensbeschouwelijke vakken als al de andere. De school moet opportuniteiten bieden. We willen dus zeker niet polariseren, maar de uitdagingen en de maatschappelijke problemen wel correct kaderen. Mede daarom geven we ook alle leerkrachten bijscholing over de islam en alle andere overtuigingen’.

‘Gelijkheid is een grondrecht’, stelt Ikrame Kastit daarentegen, alsof ze het zelf verzonnen heeft. ‘Maar die grondwettelijke gelijkheid zal er enkel komen zodra we een beleid krijgen dat enerzijds inzet op de bestrijding van racisme, en anderzijds de superdiverse realiteit erkent. Om dit te bereiken, en om de polarisering die we vandaag zien te doorbreken, moeten we dit hele verhaal vertellen in bijscholingen voor alle leerkrachten’. Tja, en dat doet het GO! nu eenmaal. Als zij beter opgelet had, of zich geïnformeerd had, dan zou zij dat begrepen hebben. Maar als je een opiniestuk schrijft op basis van vooroordelen, dan loop je je natuurlijk in slogans vast.

‘Het is de schuld van de samenleving’

Dat eerst de moslimtak van de radicalisering wordt aangepakt, is echter Kastits grote bezwaar. ‘Polarisering is een probleem van onze samenleving, geen probleem van onze moslims’, beweert ze met stelligheid. Bij mijn weten zijn er op dit moment geen linksextremisten aan het werk die zichzelf opblazen, geen rechtsextremisten die met camions inrijden op mensenmassa’s, geen dierenrechtenactivisten die van achter in de zaal met een mitraillette in de menigte schieten. IRA en ETA hebben de wapens neergelegd. De aanslag van lone wolf Anders Breivik ligt ondertussen zes jaar achter ons en was een geïsoleerd geval, dat geen navolging heeft gekregen. En de moord op Pim Fortuyn door de ecologist Volkert van der Graaf is al vijftien jaar geleden en stond eveneens op zich, zonder organisatie achter zich.

Het zal ongetwijfeld zeer vervelend zijn voor goedbedoelende jonge moslims dat het steeds weer mensen zijn die zich op hun religie of antropologie beroepen, die dergelijke wandaden bedrijven, maar je kan het licht van de zon toch niet ontkennen? Dat de brede samenleving dan wantrouwig staat tegenover moslims in het algemeen, en dat rechtsextremisten daar demagogisch op inspelen, kan je toch niet abnormaal noemen? Dat wantrouwen wordt nog bevorderd door al die moslims die zwijgen bij dat gedrag, of die het onderhuids verdedigen. Het wordt verder ook bevorderd door leerkrachten islam die onvoldoende geschoold zijn. Het wordt ook nog eens bevorderd door moslims die zichzelf nadrukkelijk eerst als moslim beschouwen, of als inwoner van hun land van herkomst, en pas daarna (of zelfs niet), als landgenoot in dit land.

Tegen zulke factoren wilde deze studiedag net een pertinente repliek bieden. Waar heeft Kastit dan in godsnaam een probleem mee? In plaats van te zeuren hebben moslims die zich in de hoek gedrumd voelen er alle voordeel bij om initiatieven als dit te ondersteunen, en zo actief te tonen dat zij niet in hetzelfde bed liggen als de terroristen. Dat die initiatieven onvolmaakt zullen zijn, en steeds voor verbetering vatbaar? Ja, wat doe je daar aan? Kastit maakt er zich echter gemakkelijk van af in haar vooraf vastgelegde evaluatie: ‘Het GO! kiest er vreemd genoeg voor polarisering aan te pakken door zelf te polariseren’.

Het zijn precies dat sectaire negativisme, die blinde stemmingmakerij, en het gemak waarmee die als vanzelfsprekend worden aangenomen, die de polarisering op de spits drijven. De aanhangers van het zeuren, begeven zich daardoor immers in dezelfde klaagcultuur waar ook Ahmet Koç en Dyab Abu Jahjah opnieuw op hopen te kapitaliseren, zo bleek in De Afspraak (Canvas 14/05). Vanuit die zeur- en klaagcultuur wordt de open samenleving, die moslims al vijftig jaar lang vrij correct opgevangen heeft als zij feitelijk wegtrokken uit de gesloten cultuur die hen geen kansen bood, schuldig bevonden. Schuldig aan de vergiftiging die uitgerekend vanuit die gesloten samenleving deze open cultuur probeert te verzieken.

Eddy Daniels

Lees verder: Zondagskinderen klagen over uitsluiting

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een  bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!