Neen Lubbers, we hebben geen vreemdelingen nodig

Neen Lubbers, we hebben geen vreemdelingen nodig

'Vervuil het debat over migratie niet door de economische bijdrage van vluchtelingen te roemen – die is er helemaal niet. Opvang van vluchtelingen is liefdadigheid', zegt Jan van de Beek, één van de weinigen die de kosten en de baten van de immigratie ernstig onderzocht. Hij weerlegt de idee dat 'vluchtelingen' en migranten uit Afrika, het Midden-Oosten en Azië ons economisch gezien netto positieve baten zouden opbrengen.

Nederland moet 25.000 vluchtelingen via het hervestigingsprogramma van de VN opnemen per jaar (nu 500 per jaar), bepleitten oud-premier Ruud Lubbers en emeritus hoogleraar Paul van Seters in NRC. De cijfers 5.000 tot 25.000 waren genoemd door Jesse Klaver (GroenLinks) in de mislukte kabinetsonderhandelingen en vervolgens door VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra van tafel geveegd. Lubbers en Van Seters vragen zich in hun opiniestuk hardop af: ‘Waarom moeten die getallen van tafel? Dienen die niet ook een belang van Nederland?’ Mijn antwoord op die vraag is een volmondig ‘Nee!’.

De basisveronderstelling van Lubbers en Van Seters lijkt te zijn dat immigratie altijd economisch voordelig is. ‘Die gastarbeiders hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan de wederopbouw van ons land’ schrijven zij.

Niets is minder waar! Gastarbeid heeft Nederland miljarden gekost. De gastarbeiders werden naar Nederland gehaald omdat de overheid destijds arbeidsmarktkrapte creëerde door de lonen kunstmatig laag te houden. Voor veel niet-innovatieve bedrijven een uitkomst. Ze profiteerden van de lage lonen en hoefden niet te investeren in kennis en machines.

Maar na de eerste en zeker na de tweede oliecrisis gingen veel van die bedrijven failliet of verplaatsten ze de productie alsnog naar lagelonenlanden. Dat was niet geheel onvoorzien: zoals ik in mijn proefschrift beschrijf had de directeur van de afdeling economische zaken van het ministerie van Sociale Zaken – het latere PvdA-kamerlid Berg – in 1967 al voor dit scenario gewaarschuwd.

Het gevolg was dat gastarbeiders massaal werden ontslagen. Doordat na de onafhankelijkheid van Suriname ook nog eens veel Surinamers instroomden op de arbeidsmarkt liep de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen snel op. Een derde van hen zat begin jaren tachtig zonder werk.

Foto: Jan van de Beek, in gesprek met Ruben Munsterman op Cafe Weltschmerz

Over de hele jaren tachtig en negentig lag de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen gemiddeld bijna viermaal hoger dan onder autochtonen. De negatieve bijdrage voor de schatkist werd in een nooit gepubliceerde SCP-notitie van oud-SCP-onderzoeker Carlo van Praag uit 1987 voor de jaren 1987-2000 provisorisch op 53 miljard gulden geraamd, ongeveer 38 miljard euro nu. Het ging dan om kosten voor uitkeringen, gezondheid, onderwijs en minderhedenbeleid minus de afdrachten aan belasting en premies. Veel posten waren conservatief geschat of in het geheel niet meegenomen (zie paragraaf 7.2 van mijn proefschrift).

In 2003 verscheen er voor het eerst van een overheidsinstituut een uitvoerige berekening van de kosten van immigratie. Deze CPB-publicatie, Immigration and the Dutch Economy, kwam vooral op instigatie van hoofdonderzoeker Hans Roodenburg tot stand. De belangrijkste aanleiding voor hem was een vraag van journalist Frank Kalshoven die zich afvroeg hoe het toch mogelijk was dat er over die kosten en baten niet zakelijk gepraat kon worden. Vanuit mainstream politiek Den Haag bestond en bestaat hoegenaamd geen behoefte aan deze kennis.

Na tien jaar de helft nog een uitkering

Een centrale les die men uit deze CPB-studie kan trekken is: immigranten dragen alleen positief bij aan de schatkist als ze op de arbeidsmarkt beter presteren dan de gemiddelde Nederlander. Migranten die onderpresteren kosten de belastingbetaler geld. Dat geldt in het bijzonder voor immigranten met de karakteristieken van de toenmalige gemiddelde niet-westerse immigrant. Zij kostten de schatkist over hun hele verblijfsduur – afhankelijk van de leeftijd van binnenkomst – per persoon een bedrag van circa 50 tot 150 duizend en meer, uitgedrukt in euro’s van 2017.

De huidige asielmigranten presteren veel slechter op de arbeidsmarkt dan de gemiddelde niet-westerse immigrant. Van de asielzoekers die vanaf 1999 als volwassenen (20 jaar of ouder) immigreerden had zelfs na tien verblijfsjaren de helft een uitkering terwijl slechts een derde werk had. Berekeningen van mijn hand die zijn gebaseerd op het voornoemde CPB-rapport wijzen dan ook uit dat de kosten voor zowel eerste- als tweede-generatieasielmigranten op ruwweg drie ton per persoon geschat moeten worden

(n.v.DB: die 300.000 Euro is slechts een schatting van de orde van grootte, een range).

Ook de asielmigranten die wel werken dragen vaak niet of nauwelijks bij. Velen van hen zijn ongeschoold of laaggeschoold en degenen die wel goed geschoold zijn functioneren vaak onder hun niveau. Dat komt omdat menselijk kapitaal – zoals scholing en werkervaring – nu eenmaal moeilijk is mee te nemen naar een ander land. Daardoor verdienen ze weinig en mensen die weinig verdienen zijn vanwege onze uitgebreide verzorggingsstaat dikwijls netto-ontvangers.

Snelle inburgering is een utopie

Lubbers en Van Seters stellen dat ‘25.000 VN-vluchtelingen die jaarlijks naar Nederland komen, mits zij in staat zijn in ons land in te burgeren en op korte termijn hun eigen boterham te verdienen, van grote waarde kunnen zijn voor ons allemaal’. In het licht van het voorgaande is die stelling onzinnig. Snelle inburgering is een utopie en ook zij die uiteindelijk wel aan de slag gaan, dragen vaak niet of nauwelijks bij. Daarnaast sprak het CPB in haar studie Rising Skill Premia: You ain’t seen nothing yet? uit 2003 reeds de verwachting uit dat de vraag naar de laaggeschoolde banen waarin velen terecht komen steeds verder af zal nemen.

Nog zwakker is dat Lubbers en Van Seters menen dat dergelijke immigratie een oplossing zou kunnen zijn voor de vergrijzing. Herhaaldelijk hebben demografen aangetoond dat het streven om de vergrijzing in Nederland op te lossen met immigratie leidt tot een explosieve bevolkingsgroei met tientallen miljoenen personen.

Hun pleidooi over de vermeende economische bijdrage van 25.000 extra asielmigranten per jaar is een vervuiling van het debat. Asielmigratie is gewoon liefdadigheid, die ons land miljarden kost. Liefdadigheid bovendien, die bijzonder slecht uitpakt voor de minst verdienenden in ons land, waaronder uitdrukkelijk ook eerdere cohorten immigranten.

Ik vind de keuzes van Ruud Lubbers en Paul van Seters tegenover de zwaksten in onze samenleving immoreel. Je kunt het natuurlijk met hen eens zijn, maar wees dan wel geïnformeerd en eerlijk over de feiten. Zodat de Nederlandse burger weet waar hij of zij aan toe is.

Dit artikel werd eerder al gepubliceerd in NRC 09/08/17

Jan Van de Beek, antropoloog, wiskundige en doctor in de sociale wetenschappen; deed onderzoek naar de productie van migratie-economische kennis in Nederland.

Meer over zijn werk op Demo-demo.nl en meer specifiek hier.

Voor andere artikels in het  'Dossier Migranten en Vluchtelingen', zie hier.

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!