Migratie biedt grote kansen en grote risico's

Migratie biedt grote kansen en grote risico's

Veel linkse opiniemakers en recent ook Maurits Vande Reyde (vz. Jong VLD) stellen dat migratie grote kansen biedt én noodzakelijk is. Anderen zien alleen maar problemen met de migratie in Europa. Beide groepen missen echter de essentie: of het een ramp wordt, dan wel een daverend succes hangt sterk af van de wijze waarop men dat aanpakt.

Het opiniestuk van Maurits Vande Reyde (voorzitter Jong VLD) in Knack leverde niet weinig tegenstrijdige reacties op. Hij stelt nadrukkelijk dat er in ons land sprake is van nood aan méér migratie, en niet minder. Meer migratie zou alleen maar voordelen opleveren. Volgens hem zou heel ons sociaal systeem zelfs ineen stuiken zonder extra immigratie. Migratie is dan gewoon pure winst voor het zowel gastland als nieuwkomer. Dat zou dan ook aangetoond zijn door het IMF, de OESO en anderen. Maar klopt dat wel?

Foto: Canadese vlag. Canada wordt door velen als één van de meest succesvolle immigratielanden beschouwd.

Veel lezers gingen daar alvast niet mee akkoord. Ze wezen op de integratie van veel allochtonen die (hier en in alle andere West-Europese landen) nogal problematisch verloopt. Ook veel allochtone woordvoerders klagen over tekorten. De feiten zijn nu eenmaal onmiskenbaar. Zo vormen de allochtonen (t.e.m. 2de generatie) nu zo'n 28% van de bevolking, maar 70% van de leefloontrekkers. Omgerekend heeft een allochtoon dan zes keer meer kans een leefloon nodig te hebben (of te krijgen) dan een autochtone landgenoot. Anderen schoten met scherp op die vaststellingen. De ene noemt het 'zeer pessimistische en denigrerend', de andere 'dom', en een derde 'spottend en negatief uitgedrukt'.

Steeds meer wetenschappelijke en officiële cijfers tonen nochtans aan dat vooral islamitische allochtonen - gemiddeld genomen, wat de wel geslaagden in de schaduw zet - merkelijk slechter scoren inzake arbeid, scholing én in de misdaad (dan autochtonen én dan niet-islamitische migranten uit dezelfde landen). Maar ook de verschillen onder de islamitische zijn zeer groot. Menig lezer wees op de problemen van enkele specifieke groepen onder de recente en oudere migranten, met name de moslims, en dan vooral de Marokkaanse. Velen uit deze groep doen het uitstekend, maar allen samen genomen, blijft er wel een groot, statistisch significant verschil over.

Het is natuurlijk geen aangename boodschap, maar het is nu wel eenmaal zo. En dat geldt in zo goed als alle West- en Noord-Europese staten. Let wel, die verschillen in de mate van beroep doen op leeflonen is enkel een feitelijke vaststelling. De vraag wat daarvan de oorzaken zijn, dat is iets anders.

Sommigen wijzen op tekortkomingen van het integratiebeleid, anderen op racisme en discriminatie. En al die factoren spelen een rol, net zoals vooroordelen, maar ook omgekeerd racisme en nog vele andere. Steeds meer rapporten beschrijven dat bepaalde relatief grote groepen (vooral onder de recente migranten) niet over voldoende bruikbare kennis en/of een inpasbare attitude beschikken om hier een redelijke kans op duurzaam werk te kunnen verwachten in onze moderne, hoogtechnologische én seculiere samenleving.

Maar dat cruciale gegeven ontbrak volledig in Vande Reyde's betoog. Hij keek enkel naar de vermeende voordelen. Dat komt er wel op neer om alle migranten over één kam te scheren- alsof ze allemaal hier een positieve bijdrage zouden kunnen leveren in onze moderne, hoogtechnologische economie - én om ze allen als min of meer succesvol integreerden.

Het potentieel van immigratie is immens

Immigratie biedt nochtans enorme kansen voor het immigratieland. Het is hét fundament waarop enkele van de rijkste en machtigste staten gebouwd zijn. De VS bestonden 250 jaar geleden nog niet, en ze vormen nu de machtigste natie ter wereld. Maar ook Canada, één van de andere machtige en rijke landen van deze wereld met zijn dertig miljoen inwoners, is een typische immigratiemaatschappij.

Kaart: aandeel van (recente) migranten in de totale bevolking van de landen. Brongegevens: Wereldbank.

En vergeten we ook Australië en Nieuw-Zeeland niet. Ook Israël wordt door zowat alle demografen als een immigratieland beschouwt. Maar dat is wel een speciaal geval dat we hierna buiten beschouwing laten. En ook Brazilië en Argentinië zijn in zekere mate immigratielanden. In de meest typische immigratielanden maken de immigranten en hun nakomelingen de grote meerderheid van de bevolking uit. Verderop kijken we vooral naar de eerste vier, de Angelsaksische immigratielanden.

Die vier kenden niet alleen een sterke economische groei. Ze ontwikkelden ook een wetenschappelijke cultuur en een hoogtechnologische industrie. Die staan aan de wereldtop. Verder ontwikkelden ze een democratische cultuur met een vrije pers, vrije politieke, sociale, culturele en andere organisaties en redelijk vrije verkiezingen. Ze staan allen bij de beste tiende in de meeste rangschikkingen van de meest democratische landen – soms op de VS na. Maar dat zit wel steeds in het beste kwart.

Massale immigratie biedt landen dus zeer grote kansen. Het gezamenlijke aandeel van deze typische immigratiestaten in het wetenschappelijk onderzoek in de wereld en in de hoogtechnologische industrie is een klinkende aanwijzing van het potentieel dat een sterke immigratie kan bieden.

Culturen van herkomst OK, mits ...

Daarbij tonen die typische immigratielanden ook dat de culturen van herkomst in hoge mate kunnen en mogen overleven. Dat lukt in praktijk vooral voor de voldoende hechte groepen, en voor zover die niet tè klein zijn. Vele behouden een levendige eigen cultuurgemeenschap. De eigen taal wordt er ook dikwijls door de nakomelingen van de zoveelste generatie nog gesproken. Maar kleinere migratiegroepen, zoals de Vlamingen, maar ook de Noren, de Zweden en de Denen die naar Canada, de VS Australië en Nieuw-Zeeland trokken, die gingen bijna overal in de grotere massa op.

Die minderheden kregen alle mogelijkheden om de eigen cultuur te blijven onderhouden, als ze dat zelf tenminste droegen, én uitgezonderd die normen en gebruiken die strijdig zijn met de burgerlijke wet. Meerdere, en ook bepaalde kleinere zoals kleine protestantse gemeenschappen, Armeniërs, Joden en enkele andere groepen uit Zuidoost-Azië en het Midden-Oosten, slaagden erin de eigen cultuur levend te houden. Soms, zoals bij de Joden sneuvelde de eigen taal, maar bleef er wel een sterke sociale samenhang en een overleven van redelijk wat culturele gebruiken, normen en waarden.

Tegelijk kenden al die groepen een sociale en intellectuele convergentie naar de fundamentele basiswaarden en de wetten van het gastland. Deze normen werden ook volledig bepaald door de eerste generaties migranten. Die vormen samen een open, democratische samenleving, met een sterk geseculariseerde arbeidsmarkt waarop iedereen dezelfde kansen krijgt. Wat bepaalde groepen niet belette om er in economisch opzicht een specifieke eigen deeleconomie op na te houden. Denk aan groepen zoals de Mennonieten maar ook aan andere etnische groepen die zich sterk concentreren in bepaalde sectoren.

We hoeven de geschiedenis van de immigratie hier niet te schrijven, noch ze samen te vatten. Het volstaat in te zien dat immigratie het gastland een unieke kans biedt op sterke groei en bloei in vele opzichten. Maar waarom wekt het in Europa dan zoveel vrees en afkeer op? En waarom komt Vande Reyde niet overtuigend over?

De immigratie in Europa verliep anders

Een eerste verschil zit in de relatieve aantallen en de tijd. De immigratie in Europa kwam pas de laatste decennia sterk op gang. En in Europa blijft de autochtone bevolking nog steeds de grote meerderheid. Enkel in Luxemburg vormen de migranten een kleine helft; in alle andere EU-staten blijven ze onder het kwart. De numerieke invloed van de immigranten in de typische EU-landen is dus significant minder groot. Nergens konden ze hun stempel drukken op de maatschappij – wat ze wel deden in Canada, de VS, Australië en Nieuw-Zeeland.

Maar biedt ook hier immigratie geen grote kansen? Deze vraag vereist een genuanceerd antwoord. De feiten geven immers aan dat er extreem grote verschillen bestaan tussen de verschillende groepen. Migranten uit vergelijkbare 'Westerse' landen scoren gemiddeld iets beter dan de autochtonen op vlak van arbeid, scholing van hun kinderen en misdaad. Dat geldt voor quasi elke EU-lidstaat. Ook migranten uit het Verre Oosten scoren behoorlijk goed, maar minder goed dan Koreanen, Vietnamezen, Chinezen en Indiërs die naar Noord-Amerika trokken. Oost-Europeanen die naar West-Europa trokken scoren redelijk goed, maar iets minder sterk. Maar onder de migranten uit Zwart-Afrika en de islamitische wereld valt het tegen.

Er bestaat natuurlijk enige begripsverwarring. Velen beschouwen alle migranten als allochtonen en alle allochtonen als moslims, of eventueel zwarten, en dan slaan de onterechte veralgemeningen genadeloos toe. Dan is het debat, bij wijze van spreken, om zeep.

Allochtonen zijn lang niet altijd moslims en omgekeerd. En de enorm grote verschillen binnen de talrijke allochtone groepen, die bleven bijna helemaal buiten beeld. Verder zijn er ook autochtonen die zich bekeerden tot de islam. Al die allochtonen, dat zijn wel allemaal of immigranten of hun nakomelingen. Maar met de gemengde huwelijken, een autochtoon en een allochtoon en hun nakomelingen, lopen de definities dan fluks uiteen. Verder zijn een deel van de allochtonen vluchtelingen, of beter gezegd, ze hebben hier een verblijfsvergunning verkregen als 'vluchteling'. Het onderscheid tussen 'economische immigranten' en vluchtelingen is heikel, en dikwijls bijkomstig. Cruciaal zijn nu ook de relatief grote aantallen recente migranten. Die hebben hun opvoeding volledig of deels in een andere cultuur ontvangen. Ze hebben daar ook veel normen en waarden van meegebracht. Dat geldt ook, in nog meer wisselende mate, voor hun nakomelingen.

Voor de goede orde, verderop zullen we vooral over 'allochtonen' spreken. Dat begrip krijgt veel betekenissen. Daarover wordt zelfs gebakkeleid, tot en met enkelen die het begrip 'slecht' en te mijden vinden. Functioneel is het echter nuttig, en dikwijls zelfs onontbeerlijk. Het slaat dan op alle immigranten en hun nakomelingen uit culturen die sterk verschillen van de Westerse democratische samenlevingen. Migranten uit de EU, of uit andere Europese landen zoals Zwitserland, Canada of de VS worden niet als allochtonen beschouwd.

De definitie van wie allochtoon is kent nog een ander probleem, namelijk de vraag 'hoe lang hun nakomelingen' allochtoon blijven. Als we zien hoeveel allochtonen uit bepaalde groepen hier in geweld terecht kwamen, of in terrorisme, dan moeten we wel nadenken over de wijze waarop immigratie hier de facto georganiseerd werd.

De toestroom van moslims van de laatste decennia moeten we verder ook apart onderzoeken omdat religieus gemotiveerde geweld in Europa zo disproportioneel sterk in die groep voorkomt.

De migratie naar Europa viel tegen

Met die globale immigratie gaat het hier, in Vlaanderen en ruimer in heel West-Europa, echter niet zo goed als in die typische immigratielanden: zowel op de arbeidsmarkt, als in scholing en in het ruimere sociale en maatschappelijke leven scoren de meeste allochtone groepen niet zo goed. Ze zijn meer werkloos - gemiddeld gesproken! Ze raken minder ver op school, doch ze zitten meer in de misdaad. Daarbij zien we grote verschillen tussen de groepen. Zo is de scholing én de tewerkstelling van bepaalde allochtone groepen – waaronder migranten uit het Verre Oosten en Indië– bijna even goed, of zelfs iets beter dan die van de autochtone bevolking. Reden te meer om zorgvuldig te onderzoeken welke groepen hier wel goed aarden en welke niet, en vooral wat die relatief grote verschillen kan verklaren.

Eender hoe we het bekijken, er zijn sterke aanwijzingen dat heel West-Europa de kansen van de immigratie redelijk sterk verknoeide. Mede daarom zijn de zwaar veralgemenende uitspraken zoals die van Vande Reyde misplaatst, en, voor wat West-Europa betreft, zelfs fout. In Europa pakte de migratie-mayonaise niet, of nauwelijks, en Vande reyde biedt helemaal geen beter recept.

Als democraten horen we nu dus objectief te evalueren wat er dan misliep, en er lessen uit trekken om daarna samen vooruit te komen. Ondertussen, in afwachting van afdoende antwoorden, horen we ook te vermijden dat de problemen nog sterk verder oplopen.

Als de immigratie dan economisch en qua veiligheidsproblematiek eerder negatief is voor West-Europa, zijn er dan andere voordelen die daar tegenop wegen? Welke specifieke groepen onder de migranten leveren een cruciale meerwaarde op voor de immigratielanden? Of zonder wiens komst we grote problemen hadden gekend? In de VS en Canada bijvoorbeeld zijn de migranten uit het Verre Oosten cruciaal voor de innovatie in enkele sectoren. Maar in Europa lijkt er geen enkel vergelijkbare bijdrage. Er zijn geen overtuigende voorbeelden te vinden.

Wat we daarentegen wel zien zijn talrijke individuele voorbeelden van een geslaagde immigratie. Een grondig onderzoek van de gemeenschappelijke kenmerken van die migranten is daarom noodzakelijk. Wat kenmerkt hen? Wat onderscheidt hen van die groepen die geen meerwaarde opleveren voor het gastland? Dit onderzoek is nog embryonaal, en zwaar gehinderd door doctrinaire en ideologische dogma's. Nu al geweten is wel dat succesvolle migranten bijna steeds de streektaal goed leerden, de hier geldende wetten integraal respecteren, hard werken om hier zelf een goede toekomst op basis van eigen arbeid te verwerven, en dat ze elke afwijkende behandeling door autochtone en overheden afwijzen.

De besluiten liggen voor de hand. Al wie beweert dat 'migratie goed is', die is ofwel zwaar onwetend, ofwel een bedrieger (of beide). De veralgemening wordt immers alvast voor Europa hard weerlegd door de praktijk – mede gezien de zeer hoge kosten voor de actuele immigratie en de problemen die bepaalde groepen op vlak van de veiligheid veroorzaken. Ook de stelling dat ons sociaal systeem zou ineen stuiken zonder verdere immigratie is ongegrond en ronduit misdadig. Veel Europese landen kennen immers een merkelijk sterkere eigen demografie dan Duitsland en een aangepast gezinsbeleid kan dat nog significant verbeteren.

Immigratie biedt dus een zeer groot potentieel, maar alles hangt ervan af hoe men daarmee omgaat. De feiten tonen zowel grote successen van massale migratie (zoals in de vernoemde Angelsaksische landen), als daverende mislukkingen (vooral West- en Noord-Europa). Dat beginnen de internationale instellingen zoals het IMF en de Oeso stilaan in te zien: de werkelijkheid wordt echt niet alleen bepaalde door het theoretische potentieel. Wie weet valt ook het lichtblauw centje bij de Open Vld jongeren?

Rudi Dierick, ingenieur, zakelijk adviseur en hoofdredacteur De Bron

Voor andere artikjels over immigratie en vluchtelingen, zie ons Dossier.

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Reageer, op onze Facebook-pagina, of stuur ons een bericht met uw bemerkingen, extra feiten en uw voorstellen.

Vond u dit een goed artikel? Misschien wilt u ons dan ook steunen? Dat kan redactioneel, financieel of organisatorisch!