Het bezweren van genetische manipulatie

Het bezweren van genetische manipulatie

Er bestaan goede rationele argumenten voor genetische manipulatie, zo besprak ik al hier. In het openbare debat domineren echter de kritieken die handig gebruikmaken van irrationele vooroordelen en min of meer begrijpelijke gevoelsargumenten. Gelijk hebben is echter niet gelijk krijgen: wie de emoties niet kan beroeren is een vogel voor de kat die dat wel kan. Het gevoel is echter niet noodzakelijk de vijand van de ratio. De verdedigers van technologie zoals genetische manipulatie moeten dus manieren vinden om de steriele wetenschappelijke en technologische argumenten te combineren met overtuigende gevoelsargumenten, kortom, met een tastbare warmte. Enkel door technologische innovaties een culturele betekenis te kunnen geven, kan men ook de harten veroveren.

‘Natuur’ is een cultureel concept

Innovaties staan niet louter op zichzelf. De Nederlandse ingenieur en filosoof Martijntje Smits ziet een wisselwerking tussen technologische innovatie en de culturele orde van de samenleving: ‘Elke cultuur bestaat bij de gratie van algemeen gedeelde, vaststaande onderscheidingen, bijvoorbeeld tussen natuur en cultuur, man en vrouw, leven en dood, organisme en artefact, mens en dier, normaal en abnormaal, vuil en schoon. Door deze dichotomieën krijgt het samenleven structuur en betekenis en is de orde gewaarborgd.’ Innovaties zorgen dus altijd voor ongemak – zelfs als daar absoluut geen wetenschappelijke reden voor bestaat.

Daarom ook dat gevoelsmatige kritiek op innovaties toch een waarachtige, legitieme  kern kan bevatten: ‘Ik vind zeker dat we de morele intuïtie dat de mens met genetisch gemanipuleerd voedsel of met klonen een stap te ver gaat serieus moeten nemen. Echter niet omdat de natuurlijke orde door deze technieken op het spel zou staan.’ Veel argumenten van ggo-critici zijn dus naast de kwestie, aangezien ze uitgaan van ‘natuur’ als een vaststaand gegeven. ‘Natuur’ is echter een per definitie evolutief en rekbaar begrip: ‘Elk natuurbesef is een product van het samenspel tussen zintuiglijke ervaring en verbeeldingskracht.’ Rekbaar wil daarom niet zeggen maakbaar, of oneindig rekbaar. Een waarachtig debat dat ook de cruciale relevante objectieve gegevens erkent blijft nodig.

Voorstanders van genetische manipulatie moeten dus het gevecht om de verbeelding winnen, als we de aanbevelingen van Martijntje Smits serieus willen nemen. In onze moderne samenleving loopt hier echter heel wat fout. De ‘naturalisten’ gaan ervan uit dat de natuur ‘goed’ is, waarbij ze meteen vergeten dat de betekenis van ‘natuur’ cultureel bepaald wordt en dat de natuur zelf sterke en diepgaande evoluties kent. Maar met hun instrumentele benadering beschouwen sommige technofielen de culturele orde al te gemakkelijk als een onbelangrijke hindernis, waar niet al te veel (of zelfs geen) rekening mee moet worden gehouden. Een welbegrepen culturele benadering mist er dus aan beide kanten. ‘Cultuur’ is hier overigens geen abstract concept, maar een verwijzing naar de levende gebruiken en verbeelding van een samenleving. Net als ‘natuur’ is ‘cultuur’ rekbaar, edoch niet maakbaar: het is een organisch gegeven.

Tastbaarheid van technologie

‘Technologie’ is dus niet enkel een materiële problematiek dat handelt over ‘wat is mogelijk’, het vereist ook de culturele behandeling van ‘wat is gewenst’, ‘op welke manier kunnen we het gewenste najagen’, maar vooral ook ‘hoe dit concept aangevoeld moet worden’. Daarom faalt elke puur wetenschappelijke discussie over genetische manipulatie. Deze problematiek gaat zo ver dat we kunnen spreken over een heuse culturele tweedeling in de hedendaagse westerse maatschappij: technofielen en technofoben wentelen zich elk in hun eigen gelijk, in plaats van een discussie gaat het eerder om een loopgravenoorlog. Nooit lijken we nog de verlossing van de synthese te bereiken.

Net het verdwijnen van de tastbaarheid van hoge technologie – enkel multinationals, ingenieurs en wetenschappers houden er zich bij wijze van spreken rechtstreeks mee bezig – maakt het tot iets abstracts. Hierdoor kan de vervreemding straffeloos uitvergroot worden door naturalistische lobbyisten. Hun oplossingen versnellen echter de vervreemding, en tegelijk het veerkrachtige karakter van onze samenleving. Op zijn beurt blijven de technofielen evengoed vervreemd van de nood aan een culturele acceptatie van innovaties. De problematiek rond genetische manipulatie, net zoals die van veel andere huidige problemen in onze maatschappij, heeft dus vooral nood aan een cultureel reveil dat verder gaat dan een louter rationeel-technisch debat.

‘Tastbaar’ betekent echter ook: ‘concreet’. Het huidige debat gaat veeleer over genetische manipulatie in het algemeen, terwijl elke manipulatie anders is. Een pindanoot allergievrij maken is een heel andere vraag dan of men een aardappel kweekt dat zelf pesticiden kan aanmaken, of een sojaplant weerbaar maakt voor round-up. Ook technisch zijn er grote verschillen: om een pindanoot allergievrij te maken moeten genen verwijderd worden, waar ggo-critici waarschijnlijk minder problemen mee hebben dan bij het inplanten van nieuwe, vreemde genen. Verdedigers van genetische manipulatie kunnen evengoed tegen een specifieke toepassing ervan zijn.

Genetische manipulatie dichter bij de mens?

Veel technologie is echter populair. Hoe komt het dan toch dat andere net heel impopulair is? Technologie zoals GSM’s en computers zijn tastbaar omdat we er consumenten van zijn – vandaar ook dat de risico’s hieraan verbonden breed geaccepteerd worden. Echter, we hebben geen voeling meer met het productieproces: vroeger was de voeling met bijvoorbeeld landbouw beroepsmatig of uit tweede hand veel groter – evenals bij andere sectoren – waardoor de technologie op een veel diepere manier ervaren werd. Innovaties die vandaag niet direct via consumptie niet direct zichtbaar zijn – kernenergie, genetische manipulatie, ook GSM-masten, …  - worden daarom cultureel gewantrouwd. Dat GSM’s niet (zo snel) en GSM-masten veeleer wel gewantrouwd worden, terwijl het om dezelfde gevaren gaat – beide zenden soortgelijke straling uit met op het lichaam vergelijkbare sterkte – is hierbij een duidelijk teken aan de wand.

De Nederlandse energieleverancier Atoomstroom zou naar verluidt alle nieuwe klanten een symbolische vingerhoed cadeau doen. Om voor één persoon één jaar de elektriciteitsbehoeften met nucleaire energie te dekken zou maar één vingerhoed kernafval geproduceerd worden – het cadeau moet dit idee voor de klanten tastbaarder maken. Dit is een klein voorbeeld van hoe men weinig populaire technologie toch cultureel tastbaar kan proberen te maken, maar ook te futiel om een doorbraak in het debat te betekenen.

Discussies pro en contra technologie zullen nooit beëindigen indien de vervreemding van technologie niet wordt aangepakt. Om daar te komen is niet enkel een rationeel debat nodig, ook een culturele catharsis (het beëindigen van een traumatische situatie). Het voor iedereen tastbaar maken van technologie is hierbij een noodzaak. Een samenleving die voor innovatie kiest, heeft nood aan een sterk, minder abstract wetenschappelijk onderwijs en aan cultureel actieve wetenschappers en ingenieurs die met een rijke culturele en kritische aanpak technologie bevattelijk kunnen maken.

Dat genetische manipulatie vandaag eerder een aangelegenheid is voor verre agro-multinationals en universiteiten, zonder inbedding in het dagelijkse leven, maakt de vervreemding compleet. Enkel de culturele behandeling van innovaties kan een verlossing betekenen voor de vervreemding – zowel door bepaalde technologie uiteindelijk te accepteren als andere te verwerpen. Dit ligt echter ver buiten de comfortzone van de hedendaagse maatschappij.

Rob Lemeire, ingenieur en kernredacteur De Bron

 

Meer lezen over genetische manipulatie:

     http://de-bron.org/tags/genetische-manipulatie

Bronnen:

Martijntje Smits,  Monsterbezwering; De culturele domesticatie van nieuwe technologie , Boom 2002, ISBN 9053528288

De opinie uitgedrukt in dit artikel is enkel deze van de auteur. 
We waarderen alle opbouwende kritiek en suggesties. Stuur ons gerust een e-mail met uw bedenkingen, extra feiten en uw voorstellen.